Lama Jigmé zijn Linie

Deze plek is niet alleen als de Berg Potola gezegend door de heer van toevlucht Mani Lama Thubten Zhiwe Lodrö, maar in het jaar van vuur-hond, de zevenstigste Rabjung,1 in 2006, de oppermachtige heilige Lungtok Gyaltsen heeft het Paleis van Tratsok hoog geprezen als het vorstenlijke verblijf van de van de drie families, de innerlijke configuratie (Skt. Maṇḍala) van Cakrasaṃvara en het geheim van de acht orden, het zetel van de bekwaamheid van Yangdak Heruka. Hij heeft aangekondigd dat de berg achter het klooster de bijzondere plek was van Śrī Cakrasaṃvara en heeft beweerd dat men onmetelijk voordeel zou behalen als op de vijftiende dag van de vaiśākha maand, van elk jaar rook offerandes gebracht zouden worden.

De heer van toevlucht Maṇi Lama Thubten Zhiwe Lodrö
Bij de opening van deze heilige plek was zijn er getuigenissen van speciale tekens en onderling afhankelijke toevallen waatgenomen, zelfs door gewone mensen. [..] Omtrent de manier waarop
deze plek individuele mensen zegende, zijn onvoorstelbaar prachtige aanwijzigingen van de wezens die zouden zijn verschenen: heilige mensen hebben werkelijk deze verschijning van Mahākaruṇika gezien
en de gezichten van de goddelijkheid van Śrī Cakrasaṃvara, hoewel iedereen, suprême of laag allebei, kleurrijke natuurverschijnselen van de vijf lichten te voorschijn hebben zien komen als schitterende regenbogen aan de hemel. Iedereen kon niet alleen de regenbooglichten 's nachts tevoorschijn zien komen boven de steen citadel, maar daarbovenop konden ze allemaal ook nog werkelijk trommels en cimbalen horen, conch-trombonen en klaroenen, alsnog hoorden ze ook de geluiden van religieuze
recitaties die van achter de berg vandaan kwamen. Voorafgaand, voor diegene die de stenen citadel uit elkaar hadden gehaald tijdens de reformatie, hebben verschillende onwenselijke indicaties plaats gevonden en ze konden later pas weer vertrouwen en geloof in de drie juwelen opbouwen. Later, toen de leer nogmaals voorgelegd was, op de dag toen de stenen citadel weer in gebruik genomen werd, zijn verschillende mooie regenbogen lichtend aan de hemel tevoorschijn gekomen en er is ook nog een regen van veelbelovende bloemen uit het atmosfeer gevallen.
Zover als het dit klooster aangaat, is het klooster van Gotsang Arik Ragya begonnen in het jaar van de ijzeren-draak, van de viertiende Rabjung, oftewel in 1820, in de tijd van Twewang Topgyal, de oudste zoon van Drakpa Gyalten, de derde generatie van de Akyong dynastie. De primaire methode van uitleg, bekwaamheid en activiteit, waren overgedragen toen Ragye Yamgo Geshe uitgenodigd was om de leermeester en conservator van de leer Golok Akyong te zijn. Na deze verantwoordelijkheid aangenomen te hebben heeft hij de onberispelijke traditie 'Geluk' opnieuw gesticht. Met zijn voortreffelijk handelswijze was hij inderdaad weergaloos begenadigd in het stichten van de drie fundementen van de Vinaya.
Later heeft Gatralep Nyima Gyurme, alias Namkag Chöpa, de conservator van de leer en de hoogste heiligheid van Samten Dorje, deze opeenvolgend bewaard.
Tijdens het leven van de gelovige koning van Akyong was Rinchen Jam, de zevende Panchen
Rinpoche, werd Tenpe Nyima (1782-1854) nadrukkelijk verzocht om een afgezant te sturen naar
zijn klooster. In het jaar van de aarde-aap van de viertiende Rabjung, oftewel 1848, werd Kachens
Yeshe Dorje gestuurd als de eerste centrale gouverneur. Vanaf toen zijn de centrale gouveneurs
onafgebroken opgevolgd totdat de maatschappelijke reformatie plaats vond. Toentertijd, waren
de hoofd conservatoren van de leer in de kloosters; Gangza Sichö Dorje, Drongla Karde, Brongla
Chöseng, het leermeester van Mé, Lozang Tenzin, enzovoort.
Tijdens het jaar van de vuur-tijger van het viertiende Rabjung, in 1866, werd het terrein van het
klooster verplaatst naar de stenen citadel van Guya, naar Chögario Lungwa, enzovoort. In de tijd van de gravin van Akyong, Zugkyi Drönma, de alwetende Paṇchen Lama, Chökyi Nyima, in het jaar van het vuur-schaap van het vijftiende Rabjung, in 1907, zijn aan dit klooster de kloostervoorschriften verleend door het grote Geshe van Ragye Arik; het voorschrift was geschreven met vermiljoen op gele zijde. Vanaf die tijd, in overeenstemming met deze verordening, zijn de leden van deze religieuze gemeenschap betrokken bij het in stand houden van de leer. Daarna, toen de vijfde Dzogchen Tulku, Thubten Chökyi Dorje (1872-1935), naar Golok was gekomen, heeft de gravin Zugki Drönma groots aan hem geofferd. Het kloosterhoofd en een aantal andere monniken in opleiding, waren toevertrouwd aan Dzogchen Rinpoche. De laatst genoemde heeft niet alleen de naam aan het klooster Dongak Shedrub Chöling gegeven, maar heeft ook naam gegeven aan Delok Konchok Gyaltsen, de re-emanatie van Jigme Gyalwe Nyugu, als de conservator van de leer.
![]() |
![]() |
In het jaar van de water-os van de vijftiende Rabjung, oftewel 1913, is een klooster gebouwd in
Tashi Chölung, links van de stenen citadel van Guya. Toen het einde van het leven van gravin Zugkyi Drönma naderde, toen het terrein van het klooster verplaatst was, logeerde de graaf van Tratsok in de vallei. Tevens, nieuwsgierig naar de gevolgen van de religieuze regering van de graven Ludeu en van Ralo Dorje van Akyong, heeft hij iets aangeschouwd in Dongak Sherub Chöling dat als ambrosia voor zijn ogen was. Toentertijd waren het voorschriften en relgieuze tradities van beide scholen, oud en nieuw, als oecumenisch gevonden.16 Als iemand alle heilige personen in dit klooster op zou noemen, zou hij eindeloos door kunnen tellen, en eenmaal begonnen met schrijven over de zegeningen, zou er geen einde aan komen. Om een paar in het kort te noemen, laten we Samten Dorje benoemen, de soevereine der heiligen; en Delok Konchok Gyaltsen, het re-emanatie van Jigme Gyalwe Nyugu; het soeverein der geweldigen, het aantonen van Vajrapāṇi, Dorje Dradül; de emanatie van Mañjuśrī, Jamyang Nyima; de emanatie van het adellijk en suprême Padmapāṇi,17 Maṇi Lama Padmasiddhi, alias Thubten Zhiwe Lodrö, onder andere: deze plek is inderdaad gezegend door de toezichthouders van de drie families. Vervolgens is de conservator van de leer van de vroegere vertalingen,18 de heilige heer van de doctrine Khenpo Jigme Phuntsok naar deze plek gekomen en heeft hij alle richtlijnen betreffend de zestussenliggende stadia, zoals de beknopt instructies voor doorbraak (khregs-chod) en cross-over (thod-rgal) van Maṇi Lama gegeven. Verder, heeft Siddhi Lama Shenpen Dewe Nyima alle transmissies verleend (dbang) en schriftelijke
machtigingen (lung) voor maandelijks evocatie, zowel als voor Vajrasattva en Trönma Nagmo.
Karma Chakme Jangsem Lingpa en Lama Lodrö Gyatso, alias Matisara, hebben oneindig veel van deleer gerelateerd aan sūtras en tantras, verstrekt.
De heer van toevlucht Lama Pema Samten heeft dit klooster gebouwd.

Amdo Geshe Jampal Rolwe Lodrö heeft een ware stroming van schriftelijke machtigingen en transmissies verleend. In het jaar van de ijzeren-tijger van het zestiende Rabjung, in 1950, is Dorje Dradül hier naartoe gekomen en hij heeft de transmissie gegeven voor het vlotte pad van Amitābha en talloze andere religieuze leringen betreffende karmisch oorzaak en gevolg. […] In het jaar van het water-slang van de zestiende Rabjung, in 1953, heeft Maṇi Lama Thubten Zhiwe Lodrö het voorbereidende onderricht gegeven, het Bodhicaryāvatāra, de richtlijnen betreffende de zes tussenliggende stadia en talrijke andere leringen betreffend zowel sūtra als tantra. In het uitvoeren van het oefenen van vasten enzovootr, 19 heeft hij men uitgedaagd tot deugden en heeft hij een stenen maṇi citadel gebouwd.20 Hij heeft ook het knekelhuis gerepareerd21–zijn genade is hierin ontmetelijk. Toen kwam een periode van ernstig verval voor de leer van de Overwinaars. In het jaar van het water-varken van de zestiende Rabjung, in 1983, is het partijbeleid veranderd in het teruggeven van religieuze autonomie aan tradities en de gelovigen. Lama's en incarnaten hebben daarom toen bedacht dat hetnuttig voor het publiek zou kunnen zijn als er unaniem besloten zou worden dat alle oude en nieuwe kloosters herbouwen zouden worden.22 Verder was besloten dat het Tratsok klooster een plek was waar religieuze tradities konden bloeien. Later, in 1985, heeft de overheid toestemming hiervoor gegeven. De conservator van de leer, de heer van toevlucht Lama Pema Samten, zo ook Tulku Tsultrim Norbu, hebben de verantwoordelijkheid genomen om de aula te herbouwen. Aan het einde van het jaar van de hout-os van de zestiende Rabjung, is Lama Tokden Lodrö Gyatso Rinpoche begonnen met winter onderricht sessie te verlenen, door de Kunzang Lame Zhalung, met betrekking tot de voorbereidende oefeningen, zo ook het onderricht met betrekking tot de doorbraak en cross-over enzovoort, en talloze andere richtlijnen van sūtra en tantra. In het jaar van de vuur-tijger van de zestiende Rabjung, oftewel 1986, is Khenpo Tsulp van Arik klooster uitgenodigd: Hij heeft de zomer retraite gesticht, evenals andere handelswijzen waaronder de drie fundamenten van de Vinaya, en hij heeft het klooster Ganden Chökhor Ling genoemd.




H.H. Khenpo Jigmé Phuntsok